Leugens en bedrog in ‘Srebrenica video’
Naar het artikel ‘Death, Lies, and Videotape’ door Nebosja Malic

Vertaling: Piet Schouten

Enkele minuten van de video die begin juni in de media verscheen waren voldoende om onderwerpen als Kosovo, Irak of Iran van het netvlies te halen en de aandacht geheel op Bosnië Hercegovina te vestigen. De film laat de executie zien van zes mannen in burgerkleding door een paramilitaire groep genaamd ‘The Scorpions’. De film wordt aangeduid als ‘cruciaal’, ‘onweerlegbaar’, ‘afdoende’, en ‘buiten kijf’ bewijs dat niet alleen de gebeurtenissen na de val van Srebrenica in juli 1995 ‘genocide’ zouden zijn, maar dat de regering van Servië betrokken was.

Taferelen van geschokte burgers en bedroefde naasten die de familieleden herkenden verschenen in de media, samen met exclusieve openbaringen over de oorsprong van de tape en triomfantelijke premiejagers op Serven. Lobbyisten van het Haagse Tribunaal (ook wel de ‘Inquisitie’ genaamd) prezen lang en poëtisch het belang. Bijna iedereen die de tape van commentaar heeft voorzien is overtuigd van de Servische betrokkenheid in Srebrenica. Al-Jazeera, bijv., noemt het ‘onweerlegbaar bewijs van Servische rol’.

Dit is echter onjuist. De tape is geen ‘smoking gun’, eerder een publiciteitsstunt. Gaan we ervan uit dat zowel ‘de slachtoffers en de moordenaars’ juist geïdentificeerd zijn. In dat geval zou een klein deel van de bloedige episode in de Bosnische oorlog opgehelderd zijn, niet meer en niet minder. De hysterie rond de publicatie zegt meer over de machten die gespecialiseerd zijn in manipulatie en handhaving van een web van leugens over Bosnië en de Balkan dan over iets dat daadwerkelijk plaatsvond in en rondom Srebrenica na 11 juli 1995.

Schieten met propaganda
Delen van de video vertoond op het ICTY ( het door de NAVO gefinancierde Joegoslavië-‘tribunaal’) en in Servië laten

enkele mannen in uniform zien die schieten op vier mannen in burgerkleding, en bevelen 2 anderen om zich van de lichamen te ontdoen. Het is een beeld dat gelijkenis oproept met de beelden van de Abu Graib gevangenis. Het lijkt op de recruterings video’s van de mujahedin waarin het rituele slachten van Serven wordt getoond. Het is zonder meer dat de Bosnische oorlog onmenselijke gruweldaden gekend heeft. (Welke oorlog niet? Red.)
De interpretaties en conclusies n.a.v. de video zijn zodanig overdreven en veelal naast de feiten, dat het duidelijk wordt dat de media en betrokken politici zich thuis voelen in de situatie en zelfs het doden op zich. Zij gebruiken simpelweg dit document om leugens en geweld te bevorderen, onder het geroep over gerechtigheid, menselijkheid en vrede.

Filmster van gruweldaden
De video zag het daglicht dankzij de inzet van ene Natasa Kandic, vaak beschreven als ‘dappere voorvechtster van mensenrechten’ en ‘de meest prominente mensenrechtenactiviste van Servië’. Maar Associated Press beschrijft haar NGO1, het Humanitarian Law Center als een organisatie die ‘onderzoek verricht naar misdaden begaan door de Serven tijdens de Balkanoorlogen’. Inderdaad richt Kandic zich niet op mensenrechten of humanitaire onderwerpen, maar op het

vinden van ‘bewijs’ van beweerde Servische gruweldaden waarbij geldt: hoe schokkender de aantijgingen, hoe beter. Kandic houdt zich ook bezig me de soap-thriller van de vriestruck ‘die Albanese lichamen vervoerde naar crematoria in het zuiden van Servië ‘.
Tevens is zij druk met andere vermeende gruweldaden waarover de media gretig berichten, waarvan echter niemand die daden kan bevestigen. Het Institute for War and Peace Reporting (IWPR)2 werkt nauw samen door haar aanklachten te publiceren. Zo kon het gebeuren dat Tim Judah en Daniel Sunter (IWPR) in de Sunday’s Observer het meest gedetailleerde rapport op de band met de ernstigste aantijgingen en aanmatigingen presenteerden als ‘bewezen feiten’.

Het kan geen toeval zijn dat de lancering van de tape en de aankomst bij het ICTY in Den Haag slechts enkele dagen was voordat een conferentie over Srebrenica begon, die Natasa Kandic georganiseerd had in het grootste conferentiecentrum van Belgrado, in ‘samenwerking’ met het ICTY Outreach office in Servië. Het wordt op de voet gevolgd door een verklaring uitgegeven door een heel leger van NGO’s in Servië (één ervan is de HLC van Kandic). In de verklaring wordt opgeroepen de beschrijving van de Srebrenica-video te accepteren als ‘genocide uitgevoerd in de naam van het Servische volk’.


augustus 2005
achterpagina
13

 

Aanklacht en gevolgtrekking
Het ICTY gebruikte de videoband, samen met een document waaruit zou blijken dat de Scorpions in dienst waren bij Servische antiterroristische politie-eenheden, om te beweren dat zij al die tijd in opdracht van Belgrado handelden. Dergelijke aantijgingen werden gesteund door Kandic en Dejan Anastasijevic, verslaggever van Time Magazine en supporter van het ICTY‘tribunaal’. Het geheel is eerder van propagandistische waarde. Als ‘bewijs’ is het waardeloos. Op de monitor van het gerecht wordt de verklaring van een uit de Krajina afkomstige Servische official gevolgd. De Schorpioenen blijkt een groep huurlingen te zijn, die opgericht in 1992, actief waren in Bosnië. Slechts enkele individuele leden van de unit werden vrijwilliger voor antiterroristische operaties in Kosovo, en kwamen op de Servische betaallijsten in 1999 voor. Twee van hen werden schuldig bevonden aan het vermoorden van Albanese burgers; één zit in de gevangenis, de ander is in Canada en verzet zich tegen zijn uitlevering. Dat de Schorpioenen als unit nooit deel waren van de Servische politie werd bevestigd door generaal Obrad Stevanovic, vroeger adjunct minister van politie, tijdens zijn verhoor op het schijnproces tegen Milosevic.
Ondertussen gaat Natasa Kandic onverminderd voort met het ‘bekendmaken’ van details van het verhaal, wat haar geloofwaardigheid steeds verder aantast. Als gaste in een TV-show van de Bosnische TV, beweerde zij dat ‘gevangenen van Srebrenica helemaal naar Trnovo gebracht werden, waar een soort militaire operatie (‘afleidingsmanoevre’?) plaatsvond. Zodoende zouden zij slachtoffers zijn van gevechten i.p.v. executie.’ De bewering van Kandic is geheel onjuist. Er vond inderdaad op dat moment een massale militaire operatie plaats in en rondom Trnovo, een offensief van de moslimstrijdkrachten om Sarajevo te ‘ontzetten’, dat vreselijk veel slachtoffers opleverde en niets werd bereikt. In de obsessies van Kandic verwordt een offensief van moslims tot een Servische ‘afleidingsmanoevre’. Ondanks deze problemen rond de feiten, volbrengt de video en de begeleidende massahysterie haar propagandadoeleinden: er moet een schok teweeg gebracht worden onder het Servische publiek (en de rest van de

wereld) over ‘de officiële waarheid over Srebrenica’. Volgens berichten uit Belgrado moedigt de huidige Servische regering dit aan in een poging het westen gunstig te stemmen voor investeringen en toetreding tot de EU en NAVO.

Mythe en werkelijkheid
Opzettelijk beschrijven de grote mediaconcerns de gebeurtenissen in Srebrenica als ‘de ernstigste gruweldaden in Europa sinds de Tweede Wereldoorlog’ of ‘sinds de Holocaust’, soms als ‘de ergste massamoord op burgers’ etc. Doelbewust halen zij de Holocaust en nazi’s tevoorschijn om Srebrenica te verbinden met genocide, Serven met nazi’s, en moslims als onschuldige slachtoffers. In werkelijkheid zijn de meeste van de mensen die gedood werden in de naweeën van de val van Srebrenica leden van de 28ste infanterie van het leger van de Republiek Bosnië-Hercegovina. Hun commandant staat terecht bij het Joegoslavië tribunaal op beschuldiging van moord, verkrachting en marteling. 3 Wat gebeurde met hen die wilden uitbreken – na de omsingeling - was niets anders dan ongeacht welk leger in gevechtshandelingen zou toepassen. Toch wachtten de Serven totdat de moslims van Srebrenica zich overgaven. Zij evacueerden de vrouwen, kinderen en ouderen die ze vonden in het VN-kamp Potocari. Servië zelf ving ca. 800 moslim-mannen uit Srebrenica op. In een andere moslimenclave die enkele dagen later viel, Zepa, was er geen sprake van ‘massamoord’. Laten we aannemen dat de reputatie van de Schorpioenen om de vluchtelingen van Srebrenica zodanig te behandelen waar is, of dat Servische troepen liever geen gevangenen zouden nemen. Zulke daden kunnen niet gerekend worden tot genocide. Maar met ‘inbreuk op de Conventie van Geneve’ verkoop je geen kranten en TV-programma’s; het rechtvaardigt geen invasie of bezetting, noch de opzet van een inquisitie in dienst van de grootmachten. ‘Genocide’en ‘de ergste gruweldaden sinds de nazi’s ‘ verkopen beter! Jaren later werd ‘Srebrenica’ een rechtvaardiging tot een interventie van de Balkan. Het concept van ‘georganiseerde criminele organisatie’ moest de gehele politieke en militaire leiding van Serven in Joegoslavië in staat van beschuldiging stellen voor de gewelddadige ineenstorting van het land.

Het verschafte Washington en Brussel het ‘recht’ om geweld te gebruiken als ‘oplossing’ voor de chaos en doden veroorzaakt door hun eigen politiek. Om hun aanspraak op ‘macht’ te laten gelden kan niets hen weerhouden. Het gebruik van smeerpijperij zoals de video over de ‘Schorpioenen’ is daar bewijs van.

Als redactie van De Anti fascist willen we u wijzen op het boek ‘Elementaire principes van oorlogspropaganda’ van Anne Morelli over hoe oorlogspropaganda werkt. Het is zonder meer nuttig om te zien hoe dagelijks miljoenen mensen doelbewust misleid worden door de media, met maar één doel: rechtvaardiging van oorlog en kolonisatie. Na Joegoslavië volgden Afghanistan en Irak. De effecten van de Bosnische oorlog op de stad Srebrenica worden breed uitgemeten in de westerse media en door kruiperige politici. Rapporten meldden dat ‘7.414 (voor het ‘gemak’ vaak afgerond op ‘8.000’…verkoopt beter, Red.) Bosnische moslims geëxecuteerd waren door het Servische leger’. Na jaren van zoektochten, graven en intensieve onderzoeken zijn ca. 600 lichamen gevonden, terwijl de oorspronkelijke aanklacht van ‘genocide’ nog steeds circuleert in de media.

Meer informatie over onderzoek naar de waarheid over Srebrenica kunt u lezen op de site http://www.globalresearch.ca (Engelstalig)
(Evidence that the supposed Srbrenica Execution Video is phony)
(Bin Laden op de Balkan)

Noten:
1 NGO = non-gouvernementale organisatie
2 het IWPR heeft banden met de Britse geheime dienst
3 De Amerikaanse inlichtingendiensten braken in het geheim het VN-embargo gedurende de oorlog in Kroatië 1991-1995 door wapens te leveren via kanalen van Islamitische Jihad groeperingen welke Washington nu – in de ‘strijd tegen het terrorisme’- achterna zit door heel Europa en Azië. Het bewijs zag het daglicht in een tot nu toe onopgemerkt deel van het Nederlands officieel rapport over Srebrenica, hetgeen leidde tot de val van het kabinet en ontslag van een commandant.


augustus 2005
achterpagina
14/15