Was Srebrenica een HOAX? (deel 2) [deel 1]
Over wat breed aandacht kreeg en wat er onder de tafel bleef
Door Jan Cleton

De waarheid is dat de Amerikanen en president Izetbegovic beiden zwijgzaam hadden toegestemd dat het niet zinvol was om te volharden in deze geïsoleerde enclaves in een verdeeld Bosnië. In 1995 geloofde niemand nog dat een etnische verdeling van het gebied onvermijdelijk was. In juni 1995, voor de militaire operatie in Srebrenica, verklaarde Alexander Vershbow, speciale assistent van president Clinton, dat ‘Amerika de Bosniërs zou moeten aanmoedigen om na te denken over gebieden met een grotere territoriale samenhang en compactheid’. Met andere woorden hield dit in dat de enclaves vergeten zouden moeten worden. De aanval op Srebrenica, zonder steun van Belgrado, was compleet overbodig en bleek een van de belangrijkste voorbeelden te zijn van het politieke falen van het Servische leiderschap.
Ondertussen verergerden de westerse media de situatie nog door de enclaves te transformeren in een krachtig icoon van de massamedia; een situatie die Izetbegovic onmiddellijk uitbuitte. CNN liet in dagelijkse uitzendingen beelden zien van massagraven voor duizenden lichamen, verkregen via spionagesatellieten. Ondanks de microscopische precisie in het lokaliseren van die graven, is het zeker dat tot op heden geen ontdekkingen zijn gedaan die deze vermoedens bevestigen. Aangezien er niet langer beperkingen op de bewegingsvrijheid zijn, kunnen we alleen maar speculeren over de reden dat ze nog steeds niet aan de wereld zijn getoond.
Als er vooraf een plan voor genocide klaar had gelegen, zouden de Serviërs een beleg hebben ingesteld om er zeker van te zijn dat niemand kon ontsnappen, in plaats van aan te vallen uit een richting, van zuid naar noord - waarbij er een hypothetische ontsnappingsroute was naar het noorden en het westen.
De waarnemingsposten van de VN ten noorden van de enclave werden niet getroffen en bleven in gebruik na afloop van de militaire operaties. Er zijn zeker massagraven aan de buitenranden van Srebrenica, net als in de rest van voormalig Joegoslavië op plekken waar is gestreden, maar er zijn geen aanwijsbare redenen voor de campagne die werd gevoerd, en ook niet voor de getallen die CNN naar buiten bracht.
De massagraven worden gevuld door een beperkt aantal lichamen van beide kanten, het gevolg van een hevige strijd en niet het resultaat van een beraamde genocide, zoals die tegen de Servische bevolking van Krajina, in de zomer van 1995, toen het Kroatische leger een massaslachting uitvoerde op alle Serviërs die ze tegenkwamen. In dit geval bewaarden de media een absolute stilte, ondanks het feit dat deze genocide over een periode van drie maanden werd uitgevoerd. Het doel van Srebrenica was een etnische schoonmaak, niet genocide, wat wel het geval was in Krajina waar het Kroatische leger, hoewel er geen sprake was van militaire operaties, hele dorpen met de grond gelijk maakte.
Ondanks de wetenschap dat de enclaves al als verloren werden beschouwd, stond Sarajevo erop om politiek gewin uit de situatie te halen. Doordat het publiek er al helemaal ontvankelijk voor was gemaakt, was het concept van genocide niet moeilijk te verkopen.
Van nog groter belang dan het genocide-verhaal en de politieke isolatie van de Serviërs was echter het chanteren van de VN: ofwel de VN schaarde zich aan de zijde van de regering in Sarajevo in het conflict (wat vervolgens ook gebeurde) of de VN

zou zich volledig ongeloofwaardig maken in de ogen van het publiek, wat wederom zou leiden tot meer steun voor Bosnië. Srebrenica was de laatste druppel die ervoor zorgde dat de westerse regeringen een akkoord bereikten om hun neutraliteit op te geven en militaire acties te ondernemen tegen een partij in het conflict. Het was de laatste druppel die het Westen bijeenbracht in hun verlangen om de ‘Servische beestachtigheid’ te breken. Sarajevo was zich bewust van het feit dat zij niet de militaire capaciteit hadden om de Serviërs te verslaan. Het was dus noodzaak om de voorwaarden te creëren waaronder de internationale gemeenschap dit voor hen kon doen. Srebrenica was een essentiële schakel in dit proces.
Srebrenica is een van de daden waarmee de Servische leiders de VN wilden provoceren om zo hun onmacht te laten zien. Dat was een ernstige strategische misser die hen duur kwam te staan. De kant die alles te winnen had bij het aantonen van de onmacht van de VN was de regering in Sarajevo, niet die in Pale. Het was in 1995 duidelijk dat er voor een verandering van de status-quo een daadkrachtige interventie nodig was die de Servische militaire macht kon verslaan.

Srebrenica was alleen maar een voorwendsel, dat voortkwam uit de kortzichtigheid van de Bosnisch-Servische leiders.
De belegerde troepen hadden met gemak de enclave kunnen verdedigen, in ieder geval veel langer, als ze goed geleid zouden zijn. Het bleek goed uit te komen om de enclave op deze manier te laten vallen. Aangezien de enclave gedoemd was om te vallen, kon het beter op een zo gunstig mogelijke manier gebeuren. Dit had echter alleen kans van slagen als het politieke initiatief bij Sarajevo lag en onder volledige bewegingsvrijheid, wat nooit het geval zou zijn geweest aan de onderhandelingstafel. De bewuste val van de enclave mag dan lijken op een orkestratie van machiavellistische proporties, het is een feit dat de regering in Sarajevo er veel bij te winnen had, zoals daarna duidelijk werd. Srebrenica was niet een geen-verlies-geen-winst-spel. De Serviërs wonnen een militaire slag, maar met heel negatieve politieke bijwerkingen die zorgden voor hun definitieve uitsluiting.
We kunnen als laatste nog een vreemde constatering doen. Toen de VN-posten werden aangevallen en het onmogelijk bleek ze in handen te houden, trokken de troepen zich terug. De barricades die waren opgezet door het moslim-leger lieten de troepen niet passeren. Deze troepen werden niet behandeld als soldaten die van de frontlinie vluchtten, maar met een verachtelijke differentiatie.
De moslims weigerden niet alleen zelf te vechten, ze dwongen anderen om voor hen te vechten. In een geval besloot de bestuurder van een Nederlands voertuig na gesprekken met ABiH om de barrière te passeren. Een moslimsoldaat gooide een handgranaat, door welke scherven de bestuurder dodelijk werd geraakt. De enige VN-soldaat die in de aanval op Srebrenica omkwam werd gedood door moslims.

Carlos Martins Branco onderwijst aan het Europese Universiteitsinstituut, op het Departement van Sociale en Politieke Wetenschappen, Badia Fiesolana, Italië.

Wordt vervolgd


mei 2007
De Anti Fascist
9