AFVN

Poetin was volkenrechtelijk verplicht de afscheiding van de Krim te ondersteunen


Toegang tot de Baai van Balaklava (foto: Juri Kowski)

door Karl Albrecht Schachtschneider *

De Krim is niet door Rusland geannexeerd, maar heeft zich van de Oekraïne afgescheiden om zich vervolgens bij de Russische Federatie aan te sluiten. De Russische regering was volkenrechtelijk verplicht deze secessie te ondersteunen. Dat stelt de Duitse rechtsgeleerde em. prof. dr. Karl Albrecht Schachtschneider, onder andere bekend van zijn rechtszaken om grondwettelijke bezwaren tegen diverse Europese verdragen aan te prangen. Hier volgt een lezing van Schachtschneider.

In de strijd om de Krim verwijt men Rusland en zijn president Vladimir Poetin een – openlijke of heimelijke – met het volkenrecht strijdige inzet van soldaten. Rusland zou de Krim geannexeerd hebben, zo meent zelfs Bondskanselier Merkel. Dat overtuigt echter niet. Ze is slecht op de hoogte. De verwijten lijken de sancties, zo niet de ‘indirecte’ agressie van de westelijke bondgenootschappen NAVO en Europese Unie (EU), tegen het Gemenebest van Onafhankelijke Staten (GOS), in het bijzonder tegen de Russische Federatie, te moeten rechtvaardigen of ten minste legitimeren. De feiten zijn in het publieke discours slechts verwrongen bekend. Ook ik ben op de algemeen toegankelijke informatie aangewezen. Maar wie zich over dit conflict uitlaat, moet proberen de feiten van de propaganda – die de meeste media over de gebeurtenissen in Oekraïne verspreiden – te onderscheiden. Daarbij kunnen de inschatting van de belangen en de kennis van de volkenrechtelijke situatie behulpzaam zijn.

De NAVO, aangevoerd door de Verenigde Staten van Amerika, wil zich naar het oosten tot aan de grens van Rusland uitbreiden. Dat is een wezenlijk doel van de voortdurende uitbreiding van de EU, de economische en politieke basis van het Europese deel van de NAVO. De EU kan als statenbond, zo niet bondsstaat, door enkele leiders gedomineerd, gemakkelijker door de VS en haar diensten tot een gemeenschappelijke politiek verplicht worden dan de individuele staten. Dat niet alle lidstaten van de EU tot de NAVO behoren, te denken valt aan de fragiele zo niet achterhaalde formele neutraliteit van Oostenrijk, Zweden en Finland. Wanneer de Oekraïne tot de NAVO behoort, zoals de VS dat willen, wordt ze – tenminste potentieel – een standplaats van tegen Rusland en het GOS gerichte wapens. Met de staatsgreep in Oekraïne is het reeds gelukt dit land uit het GOS los te breken. Dat gaat in tegen de veiligheidsbelangen van de Russische Federatie en het GOS. Rusland heeft, nadat het uiteenvallen van de Sovjet-Unie en het Warschaupact de uitbreiding van de NAVO naar het oosten mogelijk maakte, het lidmaatschap van het verenigde Duitsland in de NAVO al geaccepteerd. Dat was een verandering van de wereldpolitieke situatie. De weliswaar niet in een verdrag vastgelegde toezegging, dat de NAVO zich niet verder naar het oosten uit zou breiden, heeft het Westen niet gehouden. Wanneer een bondgenootschap, zeker een militair bondgenootschap als de NAVO, te machtig wordt, wordt het tot een bedreiging voor andere staten en boet zijn rechtvaardiging met het oog op de vrijheid in.

De Oekraïne was een deel van Rusland en van de Sovjet-Unie. Ze behoorde ook als lid van het GOS nog tot de invloedssfeer van Rusland, heeft zich echter in toenemende mate naar het Westen gekeerd en wil zo snel mogelijk lid worden van de EU. De Krim bevindt zich in een bijzondere situatie. Ze heeft met grote meerderheid voor afscheiding van de Oekraïne en voor de opname in de Russische Federatie gestemd. Deze heeft haar opgenomen. Rusland kan de Krim om historische redenen en temeer om geostrategische en militaire redenen niet laten schieten. Tot de Krim behoort de traditionele haven van de Russische Zwarte Zeevloot, Sebastopol. De Zwarte Zee is de toegang van Rusland, via de Bosporus, tot de Middellandse Zee. Iedereen weet dat Rusland de Krim niet opgeven kan en zal, wanneer het een grootmacht wil zijn en blijven. Zodoende heeft Rusland zijn gebruiksrechten voor deze haven voor decennia per verdrag proberen te verzekeren. Evident een weinig zekere basis voor existentiële Russische belangen. Het Westen neemt de door de opname van de Krim in de Russische Federatie geschapen realiteit als voldongen feit aan en accepteert het Russische belang bij de Krim, de Oekraïne niet. Deze is echter niet in staat om de nieuwe situatie te veranderen. De kritiek van het Westen stelt het resultaat van het referendum niet ter discussie. Een militaire interventie zou niet alleen een vergrijp tegen het volkenrecht zijn, maar ook het einde van de wereldvrede en het gevaar dat grote delen van Europa ten onder gaan inhouden. Het Westen wil omwille van de verdere ontwikkeling met zijn kritiek en zijn sancties genoemde speldenprikjes positie betrekken.

Het Westen heeft de staatsgreep in Oekraïne bevorderd, zo niet aangestuurd. Dat waren zware vergrijpen tegen de interne en externe soevereiniteit van de Oekraïne. Dat de ‘Maidan’ in wezenlijk opzicht niet door de Oekraïense burgers werd aangedreven is evident. Het Westen heeft de bewezen methode van de staatsgreep ingezet, de zogenaamde kleurenrevolutie, zoals die al eerder door het Westen gebruikt is, maar ook door andere machten zoals vroeger de Sovjet-Unie. De etnische tegenstellingen tussen Russen en Oekraïners, maar ook het evident corrupte regeringssysteem konden benut worden voor de staatsgreep. Er bestaat weinig twijfel aan dat het Westen ‘subversief’, zoals het volkenrecht dat noemt, geïntervenieerd heeft, om een voor hem aangename regering te krijgen die bereid is de Oekraïne de EU en op enig moment ook de NAVO in te leiden. De mislukte missie van de ministers van Buitenlandse Zaken van Frankrijk, Polen en Duitsland, die tot een vreedzaam aftreden van de president van de Oekraïne, nieuwe presidentsverkiezingen en een terugkeer naar de grondwet van 2004 had moeten leiden, was hoe dan ook moeilijk te verenigen met de bestaande grondwet van de Oekraïne en de soevereiniteit van het land, en de breuk van de opstandelingen met deze overeenkomst van 21 februari 2014 en hun gewelddadige overname van de macht al zeker niet. Daarbij werd de deling van het land op de koop toe genomen, ook door de westerse onderhandelaars.

De Oekraïne-politiek van het Westen is ongeacht alle soevereiniteit van Oekraïne een bedreiging voor Rusland. Het Westen heeft de soevereiniteit van de Oekraïne geenszins gerespecteerd. De maatregelen van Rusland ter bescherming van zijn rechtmatige vlootsteunpunt werden vereist door de toenemend agressieve houding van het Westen tegen zijn existentiële belangen. Ze zijn proportioneel en dienen de verdediging van de Russische Federatie, maar ook van Russische staatsburgers en etnisch Russische Oekraïners. Een schending van het volkenrecht zijn ze niet, van een annexatie van de Krim is al helemaal geen sprake. Ze zijn gerechtvaardigd door het recht op zelfverdediging, die het recht op preventieve zelfverdediging insluit, wanneer dit met milde middelen gebeurt, door de bewoners van het gebied gewenst wordt, omdat deze zich duidelijk bij de staat die haar secessie ondersteunt aan willen sluiten. Daarbij zijn het hulpverzoek van de gekozen maar afgezette president en de verklaarde en door de grote meerderheid van de bevolking ondersteunde wil tot secessie van de Krim volkenrechtelijk van aanzienlijk gewicht. Van nog groter gewicht is dat de overgangsregering van de Oekraïne, wier machtsuitoefening als zodanig geen legaliteit had, ondersteund door het revolutionaire parlement van Oekraïne en het Westen, het secessiereferendum van de Krim illegaal verklaard heeft en desnoods met geweld (mobilisering) wilde tegenhouden en het niet erkend. Dit versterkt de legaliteit van de Russische inspanningen om de Krim te beschermen zodat er een ongestoorde stemming plaats kon vinden.

Naar overwegende opvatting van de volkenrechtsdeskundigen hebben staten het recht hun staatsburgers, desnoods met geweld, met een beperkte interventie te behoeden voor bedreigingen voor lijf en leven. Dit recht wordt voortdurend uitgeoefend en is als voorheen binnen de grenzen van de proportionaliteit gewoonterechtelijk erkend. Een bedreiging die om bescherming voor de Russen op de Krim en alle bewoners van de Krim, die door het referendum in zekere zin weer Russen wilden worden, vroeg, waren zonder twijfel de krachten die de staatsgreep in Oekraïne hebben doorgevoerd, in het bijzonder de delinquenten die op het Maidan gemoord hebben. De president van de Russische Federatie, Vladimir Poetin, heeft zich op deze beschermplicht beroepen. Deze wordt ook door westelijke staten voortdurend gepraktiseerd, dikwijls slechts als voorwendsel.

Het Boedapester Memorandum van 1994, waarin de VS, Rusland, Groot-Brittannië en anderen de Oekraïne als tegenprestatie voor het opgeven van kernwapens verzekeren haar soevereiniteit en de bestaande grenzen alsmede haar politieke en economische onafhankelijkheid te respecteren en in het geval van een nucleaire aanval op het land onmiddellijk maatregelen van de VN Veiligheidsraad te nemen, is door de secessie van de Krim en haar opname in de Russische Federatie niet geschonden. Dit memorandum heft immers het zelfbestemmingsrecht van de burgers van de Krim niet op. Het kan ook door volkenrechtelijke verdragen niet opgeheven worden, omdat het de vrijheid van de burger is. Deze staat niet ter beschikking van de politiek. Ze is met de mens geboren.

In termen van een Großraumpolitik van de wereldmachten heeft Rusland met milde middelen een ingreep van de VS in zijn traditionele invloedssfeer afgeweerd, en ook slechts beperkt, namelijk de inlijving van de Krim in de EU en later de NAVO. De onnadenkende uitbreidingspolitiek van de EU en de zeer doordachte geostrategie van de VS hebben een oorlogsgevaar opgeroepen. De VS handelen vanuit de aanname van hun militaire superioriteit en zonder rekening te houden met de gevolgen van een eventuele kernoorlog voor Europa. De EU laat zich in niet te bevatten naïveteit van haar politieke klassen voor het Atlantische karretje spannen. Men denkt aan de Cuba-crisis in 1962, waarin John F. Kennedy met een militaire zeeblokkade de stationering van sovjet-raketten op Cuba heeft tegengehouden. Niemand in het Westen heeft deze blokkade bekritiseert als zou het een schending van het volkenrecht geweest zijn. Europa zou om geostrategische, economische en historische redenen zich in moeten spannen voor een zo goed mogelijke verhouding met Rusland.


* Karl Albrecht Schachtschneider (1940) is een Duitse staatsrechtsgeleerde. Tot zijn pensioen in 2005 was hij hoogleraar aan de Universiteit van Erlangen-Neurenberg. Hij is bestuurslid van de christelijk-conservatieve denktank 'Studienzentrum Weikersheim'.